INTERVIEW TIM HOFMAN

Mediamaker Tim Hofman

‘WE ROEPEN DE GROTE MENEREN EN MEVROUWEN TER VERANTWOORDING’

Tekst Pien Heuts Beeld Jeroen Dietz

‘WE LEVEN IN EEN SNELLE SAMENLEVING, WAARIN WEINIG RUIMTE IS VOOR MEDEMENSELIJKHEID’

Tien jaar onrecht bestrijden en mensen een stem geven, hebben Tim Hofman (33) tot een invloedrijke mediamaker gemaakt. Onvermoeibaar geeft hij een podium aan mensen die anders onzichtbaar zouden blijven. ‘Ik ben blij dat ik in de bevoorrechte positie zit dat ik voor mensen kan opkomen.’

Onrecht aankaarten, machtsstructuren blootleggen en mensen die het lastig hebben een stem geven - dat lijkt een rode draad in jouw mediawerk. Waar komt die gedrevenheid vandaan?

Ik heb een aversie tegen autoriteit. Volgens mijn moeder was ik vroeger al een kritisch kind. Ik nam niet gauw dingen aan. Later op school gaf ik docenten niet zomaar gelijk. Het klinkt misschien kinderachtig, zo’n autoriteitsprobleem - maar het drijft me wel. Macht is niet oké als die tot onrechtvaardigheid leidt. Onrecht niet accepteren zit ook wel in het dna van mijn familie. Mijn opa klaagde in de jaren 70 namens zichzelf en zijn collega’s zijn baas aan toen na een fusie bleek dat de reiskostenvergoeding uit hun contract was gesloopt. Dat pikte hij niet. Hij won nog ook.’

Aan het aan de kaak stellen van onrecht en onrechtvaardigheid heb je een overvolle weektaak. Wat is er volgens jou mis met de huidige samenleving?

‘Een samenleving die goed werkt, draait op basis van gelijkwaardigheid. Dat is een voorwaarde voor beschaving en een gezonde democratie. We hebben veel te lang geaccepteerd dat Nederland zogenaamd een tolerant land is waar voor iedereen een gelijkwaardige plek is. Tolerantie is schijnacceptatie. De ongelijkheid in Nederland is groot. Dan gaat het over afkomst, kleur, geaardheid, sekse en sociaaleconomische positie. Groepen mensen worden verschillend behandeld. Tijdens de coronapandemie werd dat weer eens goed duidelijk: miljonairs werden rijker, en werknemers met flex contracten die het al niet goed hadden, raakten het snelst hun baan kwijt. Die ongelijkheid versterkt de machtsposities van mensen die al te veel macht hebben.’

Wat bedoel je daarmee?

‘Je ziet door bijvoorbeeld de kindertoeslagaffaire en het beleid rondom vluchtelingen dat bepaalde groepen mensen steeds aan het kortste eind trekken. Ze hebben geen stem, dus geen macht. Vanwege die scheve machtsverhoudingen kunnen bijvoorbeeld de Belastingdienst, de IND, het UWV gewoon hun gang gaan. Het handelen vanuit macht, waarbij argwaan de norm is in plaats van vertrouwen, leidt tot veel ellende. We krijgen daar veel signalen over binnen bij BOOS. Overheidsinstanties zijn hun morele kompas kwijt.’

Met zaken oplossen en onrecht bestrijden scoor je en heb je veel invloed. Maar het is ook eindeloos brandjes blussen. Frustreert dat niet?

‘Dat is ook de reden dat we afgelopen voorjaar het tv-programma Pak de Macht hebben gemaakt. Daarin probeer ik de structuren onder al die problemen bloot te leggen. Wie draaien er bij Shell, Unilever of binnen de schuldenindustrie aan de knoppen? Dat zijn degenen die ook dingen kunnen veranderen door minder amoreel te handelen. Wij maken die grote meneren en mevrouwen zichtbaar en roepen ze ter verantwoording. Door machthebbers een gezicht, naam en rugnummer te geven kunnen ze zich niet meer verschuilen achter het logo van hun bedrijf of organisatie. Het moet duidelijk zijn wie moreel en juridisch verantwoordelijk is. Als je de baas van Wehkamp voor de camera vraagt waarom hij zoveel geld wil verdienen aan mensen met schulden, doe je écht een beroep op zijn moreel kompas. Dan heb je invloed en geef je een stem aan mensen die anders niet gehoord worden.’

Jouw maatschappijkritische blik lijkt altijd aan te staan. Stemt het ook wel eens somber die scheve machtsverhoudingen?

‘Aan de toekomst somber inzien, hebben we niks. Ik vind dat ik kritisch moet zijn op de huidige tijd; daar kan ik zeker wel somber over zijn. Maar als ik naar voren kijk probeer ik dat vol optimisme te doen. Dat is betere benzine voor verandering dan pessimisme. Ik realiseer me wel dat ik dit kan zeggen omdat ik het goed heb.’

Waar ben je het meest trots op?

‘Dat we opgekomen zijn voor kinderen van uitgeprocedeerde asielzoekers de het land zouden worden uitgeflikkerd terwijl ze hier geboren waren. In 2019 hebben we met allerlei partijen van kerk tot advocaat actiegevoerd voor een ruimer kinderpardon. Met Nemr, destijds 9 jaar, hebben we verantwoordelijke politici zoals Klaas Dijkhoff met dit onrecht geconfronteerd. Gewoon gevraagd waarom ze al die kinderen wilden uitzetten naar een land waar ze nooit gewoond hadden. Er ontstond veel solidariteit. Binnen no time hadden we 250.000 handtekeningen onder een petitie. Uiteindelijk mochten 700 kinderen en hun gezinnen blijven. Dan ben ik blij dat ik in die bevoorrechte positie zit dat ik voor mensen kan opkomen.’

Solidariteit is niet meer wat het is geweest, hoor je vaak. Hoe ervaar jij dat?

‘We leven in een snelle samenleving, waarin iedereen hard moet werken en er weinig ruimte is voor medemenselijkheid. Kapitalisme is een doel geworden in plaats van een tool. Racisme en achterstelling zijn aan de orde van de dag. Maar als ik mensen daarover vertel, dan zie ik vaak solidariteit ontstaan. Ik ben blij dat de Dam weer regelmatig volstroomt. Ik geloof dus wel in solidariteit. De FNV laat dat ook zien door mensen te bewegen solidair met elkaar te zijn. Dan heb je constructieve macht als vakbond. Invloed uitoefenen en onderwerpen agenderen kan als je mensen weet te verenigen. Met massa heb je slagkracht.’

Hoe meer jongeren lid zijn van de vakbond, hoe groter de slagkracht, zou je inderdaad denken.

‘Onze generatie verenigt zich niet makkelijk. Het is jammer dat de jongere generatie niet vaker lid is van een vakbond of een politieke partij. Voor veel generatiegenoten voelt de vakbond ver weg, is het een verouderd merk. Door de platformeconomie en alle flexwerk heeft de jongere generatie werkenden ook minder binding met hun baan. Daardoor zien ze de noodzaak van een vakbond waarschijnlijk ook minder. Maar ik zie wel kansen. Als je een verhaal hebt dat jongeren aanspreekt en je zet daar vol op in, kun je ver komen.’

‘SOMMIGE GROEPEN MENSEN TREKKEN STEEDS AAN HET KORTSTE EIND. ZE HEBBEN GEEN STEM EN DUS GEEN MACHT’

TIM HOFMAN

Tim Hofman werd in 1988 als oudste zoon van een gezin met vijf kinderen geboren in Vlaardingen. Een studie communicatiewetenschap brak hij af om in 2011 aan de BNN University een tv-opleiding te beginnen. Daarna rees zijn ster snel als invloedrijk mediamaker. Na BNNVARA-programma’s als 24/7 en FC Gay presenteerde hij in 2013 Spuiten en Slikken. Een jaar later gevolgd door Je zal het maar hebben. Het multimediale YouTube-platform BOOS, waarin hij mensen helpt met problemen, bleek vanaf de start in 2016 een succes. Ook presenteert hij Over mijn lijk. Afgelopen voorjaar maakte Hofman de televisieserie Pak de Macht waarin hij machtssystemen blootlegt en laat zien wie er achter de schermen aan de touwtjes trekt.

Deel deze pagina